Ontkende overname kan KLM duur komen te staan

Een werkgever die ontkent dat hij een organisatie heeft overgenomen, draait zelf op voor de gevolgen. Dat blijkt uit de uitspraken van het gerechtshof Amsterdam van 22 september. Het gaat om zo’n 250 oud-vrachtvliegers van Martinair die tegen KLM procederen. Vliegers die in de tussentijd vertrokken of ontslag kregen, kunnen alsnog loon krijgen over de jaren dat zij niet werkten. Het hogere KLM-salaris krijgen zij echter niet.

Jarenlang de verkeerde werkgever

KLM nam in 2014 de vrachttak van Martinair over. Bij een [overgang van onderneming] gaan medewerkers van het overgenomen deel automatisch mee naar de nieuwe werkgever. Zij behouden hun oude arbeidsvoorwaarden. Het doel van die regel is dat werknemers er door de overname niet op achteruitgaan, maar ook dat zij er niet beter van worden.

KLM, Martinair en de vakbond spraken destijds zelfs af dat er geen sprake was van een overgang van onderneming. Voor de rechter is zo’n afspraak niet doorslaggevend. Pas in 2021 stelde de rechter vast dat de vliegers al sinds 2014 in dienst waren bij KLM.

Loon ja, KLM-cao nee

Het hof vindt dat KLM de vliegers niet kan verwijten dat zij niet voor KLM werkten. KLM erkende hen immers zelf niet als werknemer. Het ontslag door Martinair is ook ongeldig, want Martinair was toen geen werkgever meer. Wie vertrok, moet wel de ontvangen ontslagvergoeding terugbetalen.

De vliegers vroegen in deze procedure daarnaast om hun salaris te bepalen aan de hand van de KLM-cao. Dat wijst het hof af. De KLM-cao geldt alleen voor piloten die ook daadwerkelijk bij KLM tewerkgesteld zijn. Deze vliegers werken nog steeds op basis van de arbeidsvoorwaarden van Martinair en houden dus de Martinair-cao. Dat past bij het doel van de regels: behoud van wat de werknemer heeft op het moment van de overname.

De zaak is nog niet afgelopen. Het hof heeft alle vliegers tot 1 december de tijd gegeven om te laten zien op welk salaris zij recht hebben. Daarna rekent het hof per persoon uit hoeveel KLM moet betalen.

Wat betekent dit voor overheidsorganisaties?

De regels over een overgang van onderneming gelden ook voor overheidsorganisaties. Denk aan het terughalen van uitbestede schoonmaak, beveiliging of ICT. Of aan het verzelfstandigen van een uitvoeringsdienst. Als overheden alleen bestuurstaken onderling doorschuiven, gelden deze regels meestal niet.

Twee lessen springen eruit.

Ten eerste: zoek vooraf goed uit of sprake is van een overgang van onderneming. De kernvraag daarbij is of de nieuwe organisatie hetzelfde werk voortzet, vaak met dezelfde mensen of middelen. Een verkeerde inschatting kan jaren later tot flinke loonclaims leiden. Vertel medewerkers daarnaast eerlijk en op tijd waar zij aan toe zijn. Overgang van onderneming is geen keuze, maar volgt uit de beoordeling van de criteria.

Ten tweede: kijk scherp naar de cao’s. Bij het terughalen of overdragen van taken krijgen overheidsorganisaties al snel te maken met meer dan één cao. Deze uitspraak laat zien dat de omschrijving in een cao bepaalt wie eronder valt. In dienst zijn is dan niet altijd genoeg. Ook de plek waar iemand werkt, kan de doorslag geven.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel of over overgang van onderneming in het algemeen? Neem dan contact op met onze specialisten.