Hoge Raad verduidelijkt samentellingsregel bij berekening transitievergoeding
Geschreven door: Mr. Lisa van Roekel
Moet een eerder dienstverband meetellen bij de berekening van de transitievergoeding als dat eerdere dienstverband door de werknemer zelf is beëindigd? Het antwoord van de Hoge Raad in haar uitspraak van 28 november 2025 is ontkennend: nee, het eerdere dienstverband telt niet mee, tenzij dit is geëindigd vanwege ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.
Deze uitspraak is van belang voor de berekening van de transitievergoeding en gaat in het bijzonder over de zogenoemde ‘samentellingsregel’. In deze publicatie leest u wat dit voor de praktijk betekent.
Feiten in het kort
In 2011 treedt de werknemer in dienst bij een offshorebedrijf. Per 1 oktober 2017 zegt hij zelf zijn arbeidsovereenkomst op. Daarna treedt hij binnen zes maanden na de einddatum, per 1 maart 2018, opnieuw in dienst bij dezelfde werkgever. Vervolgens verzoekt de werkgever in 2023 ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens een verstoorde arbeidsverhouding (de zogeheten g-grond). De kantonrechter oordeelt tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst en kent een transitievergoeding toe aan de werknemer. Daarbij telt de kantonrechter het eerste dienstverband niet mee in de berekening.
De werknemer gaat daarop in hoger beroep, waarna ook het hof oordeelt dat het eerste dienstverband niet meetelt. De reden daarvoor is het feit dat de werknemer dit eerste dienstverband op eigen initiatief heeft beëindigd.
Juridisch kader
De transitievergoeding is geregeld in artikel 7:673 BW. De hoofdregels zijn:
- De werkgever is - kortgezegd - een transitievergoeding verschuldigd als de arbeidsovereenkomst:
- eindigt op initiatief van de werkgever; of
- eindigt vanwege ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door de werkgever. - De transitievergoeding is bedoeld:
- als compensatie voor het ontslag; en
- om de overgang naar ander werk makkelijker te maken.
Berekening transitievergoeding
Met ingang van 1 januari 2020 geldt voor de transitievergoeding de volgende uniforme berekening (artikel 7:673 lid 2 BW):
- 1/3e bruto maandsalaris per gewerkt dienstjaar;
- Ook delen van dienstjaren tellen naar rato mee; en
- Er geldt geen minimumduur van het dienstverband meer, waardoor de werknemer vanaf dag één recht heeft op de transitievergoeding.
Samentellingsregel
De zogeheten samentellingsregel (artikel 7:673 lid 4, aanhef en onder b, BW) houdt in dat bij de berekening van de duur van het dienstverband opeenvolgende arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen die elkaar met tussenpozen van maximaal zes maanden opvolgen worden samengeteld.
Deze samentellingsregel voorkomt dat werkgevers door korte onderbrekingen in het dienstverband de hoogte van de transitievergoeding kunnen beperken. De wet regelt alleen niet expliciet wat er gebeurt als de werknemer een eerdere arbeidsovereenkomst zelf heeft beëindigd. Hierover bestond discussie in de praktijk, waarover dit arrest duidelijkheid schept.
Hoe ziet de Hoge Raad dit?
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof en wijst het cassatieberoep af. De belangrijkste overwegingen van de Hoge Raad zijn als volgt:
1. Initiatiefvereiste transitievergoeding
De werkgever is alleen een transitievergoeding verschuldigd als het einde van de arbeidsovereenkomst aan de werkgever is toe te rekenen. Dit uitgangspunt werkt door in de uitleg van de samentellingsregel.
2. Redelijke wetsuitleg van artikel 7:673 lid 4, aanhef en onder b, BW
Hoewel de wettekst niet expliciet onderscheid maakt, past het volgens de Hoge Raad niet bij het doel en de strekking van de transitievergoeding om een eerder dienstverband mee te tellen dat:
- door de werknemer zelf is beëindigd; en
- niet het gevolg was van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever.
Uit de parlementaire geschiedenis volgt bovendien dat de samentellingsregel niet geldt wanneer een werknemer op eigen initiatief vertrekt. De Hoge Raad bevestigt dat dit ook geldt voor opvolgende dienstverbanden bij dezelfde werkgever.
Conclusie en betekenis voor de praktijk
Kortom: heeft de werknemer een eerder dienstverband zelf opgezegd? Dan telt dit dienstverband niet mee. Ook niet als de onderbreking korter was dan zes maanden. Dit kan (alleen) anders liggen als het eerdere einde van het dienstverband te wijten is aan ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. Onze tip is daarom om bij de berekening van de transitievergoeding te controleren hoe eerdere dienstverbanden zijn geëindigd.